In deze tip gaan we leren hoe we kunnen starhoppen met enkel het oculair van je telescoop. Het geschikte oculair hiervoor heeft een beeldveld van één graad of meer. Zoals in een eerdere tip vermeld, dien je een overlegger te maken van het oculair om te gebruiken op een sterrenkaart. In deze tip gaan we leren starhoppen in het sterrenbeeld Scutum.

Om onze zogeheten 'starhop' te starten, dienen we het sterrenbeeld Scutum te vinden. Dit bevindt zich tussen de sterrenbeelden Aquila en Sagittarius, in het hart van de melkweg. Het sterrenbeeld Scutum lijkt goed op het sterrenbeeld Cancer maar dan een beetje kleiner. Het startpunt van onze verkenning ligt in het sterrenbeeld Aquila. Rcht de Telrad naar de ster Lambda Aquila.

Voordat we verdergaan, willen we toch adviseren om bij het verkennen overzichtelijke sterrenkaarten bij te hebben van het gebied (bvb. van Uranometria of sterrenkaart afgedrukt van de computer). De SkyAtlas is niet gedetailleerd genoeg en zal dus veel objecten niet tonen die er te zien zijn en waarvan we er enkele gaan waarnemen. Elk object dat we aansnijden is in goede omstandigheden goed te zien door een 6" telescoop of groter. Kijk hoe het gebied gepositioneerd is aan de hemel en draai de sterrenkaart ook zo zodat het overeenkomt met het gebied aan de hemel. Bij een newton telescoop gebruik je beter gespiegelde kaarten aangezien het beeld door één telescoop gespiegeld is. Dit kan zeer handig zijn bij het starhoppen.

We staan nog steeds gericht op de ster Lambda Aquila. We bewegen vervolgens een graad naar het noorden van de ster naar de donkere nevel B135 (alsook B136). Een donkere nevel bestaat uit gassen en stof. Het gas en stof is niet zichtbaar aangezien ze het licht van achterliggende sterren blokkeren. Wat je zal zien is een gebied dat wat verborgen is van sterren of waar er minder sterren zijn dan in de rest van het beeldveld. B135 is aanzienlijk groot (50' op 30'), zoek een ovaalvormig leger gebied. Je kan het object goed onderscheiden.

Een graad ten zuidwesten zal je een kleinere donkere nevel vinden: B132. Het is kleiner (16' op 8') en het gebied rond het object is rijk aan sterren waardoor het object eenvoudig te vinden is. We gaan nu richten met onze Telrad naar de ster b Scutum van magnitude 4.2.

44 boogminuten naar het oosten zal je een prominente donkere nevel terugvinden: B110. Het object is 9 boogminuten in grootte en heeft de vorm van een ovaal. Dit object oogt erg mooi in een breedhoek oculair met zowel B110 en B113 op 30 boogminuten naar het noorden.

Beweeg nu 30 boogminuten naar het zuiden tot je een mooie open sterrenhoop NGC 6704 tegenkomt. Deze sterrenhoop heeft een helderheid van magnitude 9.2 en een grootte van 5 boogminuten. De cluster bevat zo'n dertig sterren waarvan de meerderheid zich in het westelijk deel van de sterrenhoop bevindt. De sterrenhoop NGC 6704 is relatief los maar nog steeds goed te onderscheiden ten opzichte van de sterrenachtergrond.

Een graad meer naar het zuiden zal je bij één van de beste open sterrenhopen aan de hemel brengen. De sterrenhoop waar we over spreken is M11 dat beter gekend is als de 'Wild Duck' sterrenhoop. Het object heeft een helderheid van magnitude van 5.8 en heeft een grootte van 13 boogminuten. Het is een sterrenhoop met grote dichtheid en is rijk aan sterren. M11 heeft de vorm van de letter 'V' waardoor het aan de naam 'Wild Duck' kwam.

De 'Wild Duck' sterrenhoop.

Een graad ten noordwesten van M11 zal je een driehoek terugvinden van drie sterren van magnitude 7 en 6. Op de noordelijke zijde van de driehoek zal je een zwakke glinstering van sterren zien. Dit is de open sterrenhoop Basel 1. Deze sterrenhoop heeft een helderheid van magnitude van 8.9 en is 9 boogminuten groot. De sterrenhoop Basel 1 is goed te onderscheiden en is aanzienlijk rijk aan sterren. Het is één van de betere sterrenhopen uit de minder bekende Basel cataloog.

Twee graden ten westen van M11 bevindt zich de sterrenhoop NGC 6683. Deze cluster heeft een grootte van 11 boogminuten en heeft een helderheid van magitude 9. De sterrenhoop is moeilijk te onderscheiden ten opzichte van de achtergrond. Het overige gebied bevat een grote rijke massa sterren. Richt nu de Telrad naar de ster a Scutum van magnitude 3.8

22 boogminuten ten oosten van de ster bevindt zich de sterrenhoop NGC 6664, deze heeft een magnitude van 7.8 en is 16 minuten groot. De sterrenhoop is aanzienlijk groot en eenvoudig te onderscheiden ten opzichte van de achtergrond. De sterrenhoop is niet erg rijk aan sterren en is weid versplinterd. M26, ons laatste object bevindt zich op 2.4 graden ten oosten van NGC 6664. Het object heeft een magnitude van 8 en een grootte van 14 boogminuten, het is aanzienlijk helder en aanzienlijk rijk aan sterren. De meeste concentratie bevindt zich in het oosten. M26 wordt vaak niet gezien aangezien M11 er net ten noorden van ligt maar is daarom niet minder de moeite.

In deze tip zal je wellicht gemerkt hebben dat we niet erg in detail zijn gegaan. Het meeste leer je dan ook door ervaring op te doen en door vaak te waarnemen met je telescoop. De 'starhop' die we uitvoerden met dit artikel is dan ook een goede start. Maak ook zelf enkele starhoppen door je waarneming te plannen. Uiteindelijk is dit één van de beste manieren om de prachtige sterrenhemel te leren kennen.

Sander

Vancanneyt Sander

Oprichter & beheerder van Spacepage & Poollicht.beSterrenkunde en ruimteweer redacteur.

Steun Spacepage

Deze website wordt aan onze bezoekers blijvend gratis aangeboden maar om de hoge kosten om de site online te houden te drukken moeten we wel het nodige budget kunnen verzamelen. Ook jij kunt uw bijdrage leveren door ons te ondersteunen met uw donatie zodat we u blijvend kunnen voorzien van het laatste nieuws en artikelen boordevol informatie.

10%

Dit gebeurde vandaag in 1923

Het gebeurde toen

Overlijden van de Amerikaanse astronoom Edward Emerson Barnard. Nadat hij in 1876 zijn eerste telescoop kocht, studeerde hij op 30-jarige leeftijd af als astronoom waarna hij ging werken bij het Lick Observatory in Californië. Hij ontdekte tussen 1881 en 1892 veertien kometen en de zwakke Ster van Barnard werd naar hem vernoemd nadat Barnard in 1916 ontdekte dat deze ster een zeer hoge eigenbeweging heeft, vergeleken met andere sterren. Deze ster is, na Alpha Centauri, de meest nabije ster van de Zon en is een bekende ster onder amateur-astronomen. Ook bestudeerde Barnard in 1892 een nova en was hij de eerste die de gasvormige emissies waarnam waaruit hij afleidde dat het hier ging om een ontplofte ster.

Ontdek meer gebeurtenissen

Redacteurs gezocht

Ben je een amateur astronoom met een sterke pen? De Spacepage redactie is steeds op zoek naar enthousiaste mensen die artikelen of nieuws schrijven voor op de website. Geen verplichtingen, je schrijft wanneer jij daarvoor tijd vind. Lijkt het je iets? laat het ons dan snel weten!

Wordt medewerker

Sociale netwerken